Patikrinkite savo žodyno lygį!
Smalsu dėl jūsų užsienio kalbos žodyno įgūdžių? Atlikite mūsų žodyno testą dabar ir sužinokite savo lygį, nuo A1 (Pradedantysis) iki C2 (Meistriškumas)!Žodžių sąrašas CEFR - Išplėskite savo žodyną A1 Nyderlandų

als
/ɑls/
jungtWordt gebruikt om een voorwaarde in te voeren

als
/ɑls/
jungt
alsjeblieft
/ˌɑlsjəˈblift/
prievWordt gebruikt om iets op een beleefde manier te vragen

alsjeblieft
/ˌɑlsjəˈblift/
priev
altijd
/ˈɑltɛit/
prievte allen tijde

altijd
/ˈɑltɛit/
priev
ander
/ˈɑndər/
būdžverschillend van de eerder genoemde

ander
/ˈɑndər/
būdž
anders
/ˈɑndərs/
prievin aanvulling op iemand of iets

anders
/ˈɑndərs/
priev
antwoorden
/ˈɑntˌʋoːrdən/
veiksmOm te antwoorden op een vraag.

antwoorden
/ˈɑntˌʋoːrdən/
veiksm
appartement
/aːpɑrˈtɛmɛnt/
daiktA place to live in a building

appartement
/aːpɑrˈtɛmɛnt/
daikt
appel
/ˈɑ.pɛl/
daiktRonde vrucht die zoet is

appel
/ˈɑ.pɛl/
daikt
April
/aˈpril/
daiktde vierde maand van het jaar

April
/aˈpril/
daikt
arbeider
/ˈɑrˌbɛi̯dər/
daiktEen persoon die werkt

arbeider
/ˈɑrˌbɛi̯dər/
daikt
arm
/ɑrm/
daiktEen deel van het lichaam.

arm
/ɑrm/
daikt
arm
/ɑrm/
būdžheeft weinig geld

arm
/ɑrm/
būdž
artikel
/ɑrˈtikəl/
daiktEen tekst in een krant of tijdschrift.

artikel
/ɑrˈtikəl/
daikt
arts
/ɑrts/
daiktEen persoon die zieke mensen helpt

arts
/ɑrts/
daikt
augustus
/ɑu̯ˈɡʏstʏs/
daiktDe achtste maand van het jaar

augustus
/ɑu̯ˈɡʏstʏs/
daikt
auto
/ˈɑː.toː/
daiktEen voertuig met vier wielen

auto
/ˈɑː.toː/
daikt
avond
/ˈaː.vɔnt/
daiktDe tijd van de dag voor de nacht

avond
/ˈaː.vɔnt/
daikt
baan
/baːn/
daiktWerk dat iemand doet

baan
/baːn/
daikt
baby
/ˈbeɪ.bi/
daiktEen heel jong kind

baby
/ˈbeɪ.bi/
daikt
bad
/bɑt/
daiktDe handeling van het wassen van het lichaam in water

bad
/bɑt/
daikt